Belgische bisschoppen: geen mens mag aan het eind van zijn leven in de steek worden gelaten

Katholiek Nieuwsblad, 19 juni 2019

Niemand mag aan zijn levenseinde in de steek worden gelaten. Dat schrijven de Belgische bisschoppen in hun nieuwe brochure “Uw hand in mijn hand – pastorale zorg bij het levenseinde“.

Met de brochure willen zij “vanuit het Evangelie oriëntaties aanreiken aan de velen die oude en zieke mensen nabij zijn, in het bijzonder de pastoraal werkenden”. Ze benadrukken hun waardering voor “al wie zieken en stervenden zorgend nabij blijven”.

Het verlangen om menswaardig te kunnen sterven is “een legitiem verlangen”. Over wat dat precies inhoudt, verschillen de meningen echter, vervolgen ze.

“‘Ge zult niet doen’, blijft voor ons – en overigens voor alle grote religieuze tradities – een richtlijn van vitaal belang. We komen op voor de fundamentele waarde van elk menselijk leven, zeker ook het meest broze menselijke leven.”

Een moeilijk spanningsveld

Attente aanwezigheid vormt volgens de bisschoppen de basis van de nabijheid, ook in situaties waarin mensen aangeven te verlangen naar de dood en euthanasie te overwegen. Ook dan “moeten we aanwezig blijven”. Dat “houdt geenszins een goedkeuring van euthanasie in. Voor de pastor kan dit een heel moeilijk spanningsveld betekenen”.

Ook in dergelijke situaties kan, zo stellen de bisschoppen, altijd voor en indien mogelijk samen met de betrokken persoon worden gebeden. Want “hoe groot onze menselijke onmacht ook is, altijd vertrouwen we onze medemens toe aan Hem die de bron is van alle leven en wiens barmhartigheid geen grenzen kent”.

Kanttekening bij ‘ondraaglijk lijden’

Bij het vaak aangevoerde “ondraaglijk lijden” kunnen volgens de bisschoppen wel kanttekeningen worden gezet. Zo kan de vraag gesteld worden of kwetsbare mensen wel voldoende aandacht krijgen, zo schrijven ze.

Ze doen een oproep aan pastores en vrijwilligers om hier alert op te zijn en nieuwe wegen te vinden om de betrokken personen nabij te zijn en te steunen.

God is bondgenoot van broze mensen

Volgens de bisschoppen helpt christelijk geïnspireerde zorg mensen ook om aan het eind van hun leven te kunnen loslaten, de balans op te maken en tegemoet te komen aan de nood aan verzoening en heling.

Wie stervenden begeleidt, moet proberen verbindend te werken, stellen ze: naar de naasten van de betrokkene, en als die ervoor open staat ook naar God “die de Bondgenoot is van broze mensen, ook al blijft Hij in de beleving vaak een ondoorgrondelijk Mysterie”.

De ziekenzalving

Ze benadrukken de rol van rituelen, die het onzegbare uitdrukken. Pastores moeten inspelen op de nood daaraan, zonder de sacramenten en typisch katholieke rituelen hun eigenheid te doen verliezen.

Ook vragen ze om het sacrament van de ziekenzalving niet pas aan het einde van iemands leven toe te dienen. “Het is een sacrament voor zwaar zieke of verzwakte oudere mensen. Zo heet het ook ziekenzalving, niet het sacrament van stervenden.”

Het verrijzenisgeloof

In het laatste deel gaan de bisschoppen in op het geloof in de verrijzenis. “Sterven als christen is je één mogen weten met Christus in zijn sterven én verrijzen.” Dat verrijzenisgeloof is echter “nooit een evidentie” en “ontkent alleszins de ernst van de dood niet”.

In de laatste levensfase wisselen veel verschillende emoties elkaar af, schrijven ze: “angst, protest, macheteloosheid, verdriet, maar ook genegenheid, hoop, dankbaarheid, aanvaarding… Dit alles kan ook in de godsrelatie tot uiting komen.”

De woorden die Christus op het kruis sprak kunnen dan “inspiratie bieden een heel herkenbaar worden. Gelovig sterven is je uiteindelijk aan Gods handen durven toevertrouwen”.

Overgenomen met toestemming van Katholiek Nieuwsblad.

image_pdfimage_print